|
| Prinses Roosmarijn Bikkel enz. |
|
Uit angst, dat ze de verkeerde prins zal treffen, dat ze verliefd wordt en het paleis én hem misschien wel verlaat. De sleutel van haar kamer hangt hij om zijn nek. Daar kan niemand bij. De vorst is heerszuchtig en nors, behalve als hij wordt voorgelezen. Dan geniet hij en laat alle strengheid varen.
Geweldige voorlezers zijn het, hun verhalen zal de koning niet kunnen weerstaan. . . Maar dan verdwijnt Bikkel, in het feestrumoer, spoorloos. Lukt het de koning, met de hulp van de briljante voorlezers, haar weer terug te krijgen in het paleis? |